| 006:001 | Broeders, zelfs indien iemand op een overtreding betrapt wordt, helpt gij, die geestelijk zijt, hem terecht in een geest van zachtmoedigheid, ziende op uzelf; gij mocht ook eens in verzoeking komen. |
| 006:002 | Verdraagt elkanders moeilijkheden; zo zult gij de wet van Christus vervullen. |
| 006:003 | Want indien iemand zich verbeeldt, dat hij iets is, en het niet is, dan vergist hij zich zeer. |
| 006:004 | Ieder moet zijn eigen werk toetsen; dan zal hij slechts voor zichzelf stof tot roem hebben en niet voor een ander. |
| 006:005 | Want ieder zal zijn eigen last dragen. |
| 006:006 | En hij, die onderricht wordt in het woord, dele van alle goed mede aan wie dat onderricht geeft. |
| 006:007 | Dwaalt niet, God laat niet met Zich spotten. Want wat een mens zaait, zal hij ook oogsten. |
| 006:008 | Want wie op [de] [akker] [van] zijn vlees zaait, zal uit zijn vlees verderf oogsten, maar wie op [de] [akker] [van] de Geest zaait, zal uit de Geest eeuwig leven oogsten. |
| 006:009 | Laten wij niet moede worden goed te doen, want, wanneer het eenmaal tijd is, zullen wij oogsten, als wij niet verslappen. |
| 006:010 | Laten wij dus, daar wij de gelegenheid hebben, doen wat goed is voor allen, maar inzonderheid voor onze geloofsgenoten. |
| 006:011 | Ziet, met hoe grote letters ik u eigenhandig schrijf! |
| 006:012 | Allen, die zich uiterlijk goed willen voordoen, trachten u te dwingen tot de besnijdenis, alleen om niet vervolgd te worden ter wille van het kruis van Christus Jezus. |
| 006:013 | Want zij, die zich laten besnijden, houden zelf niet eens de wet, doch zij willen, dat gij u laat besnijden, opdat zij op uw vlees roem kunnen dragen. |
| 006:014 | Maar ik moge ervoor bewaard blijven te roemen anders dan in het kruis van onze Here Jezus Christus, door wie de wereld mij gekruisigd is en ik der wereld. |
| 006:015 | Want besneden zijn of niet besneden zijn betekent niets, maar of men een nieuwe schepping is. |
| 006:016 | En allen, die zich naar die regel zullen richten, vrede en barmhartigheid kome over hen, en ook over het Israel Gods. |
| 006:017 | Overigens valle niemand mij lastig, want ik draag de littekenen van Jezus in mijn lichaam. |
| 006:018 | De genade van onze Here Jezus Christus zij met uw geest, broeders! Amen. |